maandag, december 01, 2003

523
De gebraden duiven zullen u niet in den mond vliegen.
Dit wordt gezegd tot hem, die meent door niets te doen, voordeel te zullen behalen. Vgl. Sartorius I, 6, 80: Dii facientes adjuvant, u sullen geen gebraede Duyven in de mondt vliegen. Ongeveer hetzelfde zegt Campen, 13: Het en sal v van sich selfs inden mont niet vlieghen. In plaats van duiven vindt men ook snippen, leeuweriken, patrijzen, ganzen, vinken, eendvogels of een hoen; zie Harrebomée III, 171 en vgl. fr. attendre les alouettes toutes rôties; les alouettes rôties ne se trouvent pas sur les haies; hd. warten, dasz einem die gebratenen Tauben ins Maul fliegen; es fliegen ihm die gebratenen Tauben nicht ins Maul; eng. plums will not drop into his mouth; the larks fall there ready roasted. De uitdr. is ontleend aan de beschrijving van t' Luyelecker-landt: Desgelijcx soo sietmen daer over alle t' lant in de lucht de Hoenderen, Gansen, Duyven, Snippen, ende ander Ghevoghelte vlieghen, ende zijn al t' samen wel gebraden: ende isser yemant soo luy dat hyse niet vangen en mach, so vlieghen sy dien wel van selfs inde mondt, indien hy zijn mondt open doet, ende daer na gaept.

Bron: Nederlandsche spreekwoorden, spreekwijzen, uitdrukkingen en gezegden, F.A. Stoett.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Wat je vind moet je teruggeven: